Toen de bus verruild werd door een taxi pijnigde ik mijn
geheugen naar de reden waarom ik Kashmir niet in het reisschema had opgenomen.
Maar het uitzicht was adembenemend in de Himalaya, de lucht werd koeler en het
vooruitzicht op een Victoriaanse houseboat op het meer lonkte. De tocht vorderde maar langzaam
over de smalle, kronkelige bergweg met vlak naast ons een steile afgrond. Zo nu
en dan stonden we te wachten tot een eind verderop de bulldozers de weg van een
landverschuiving vrijmaakten en de eerste van in totaal zeven douanecontroles
volgde. Tenslotte naderde (na een onverwachte overnachting in een
obscure herberg) Srinagar en toen schoot het me te binnen waarom ik er niet heen had
gewild: de roadblocks, de marcherende soldaten, de wachtposten met politie met
geweren en zandzakken; het was oorlog in Kashmir.

Maar curfew
(avondklok), nachtelijk geschiet in de bergen of het verbod van de politiecommissaris
om naar deze of die plaats te gaan wegens ´a minor bomb-attack´ daargelaten heeft
Kashmir één groot voordeel; je kunt er Birjani eten. En dat kun je zelf ook
maken.